Terug naar website

Fietsbeklimming van de ‘Torre’: een  verslag

 

Ik kon het tijdens mijn korte verblijf niet laten om toch een poging te doen om de Torre met de fiets te beklimmen, vooral wanneer ik hoorde dat hij met zijn 1983 meter de hoogste top van Portugal is. Nou ja, top: bovenaan is hij wel wat afgevlakt.

Jammer genoeg had ik mijn racefiets niet bij en moest ik het doen met de mountainbike wat ik toch nog altijd minder soepel vind op asfalt.

Vermits ik alleen was besloot ik de berg te beklimmen na een kleine opwarming aan de voet van de helling maar het is zeker het overwegen waard om een rit naar de helling toe uit te stippelen. Het traject Vide – Teixeira – Tortosendo is het overwegen waard met prachtige uitzichten en bijna geen autoverkeer.

 

De Torre kan langs drie kanten worden beklommen. De langste kant – ongeveer 30 km – start in Seia. Een tweede mogelijkheid is te starten vanuit Manteigas waarbij je dan het prachtige gletserdal van de Zezere rivier kan volgen.

Ikzelf heb gekozen voor de kant van Covilha ook omdat tijdens ons verblijf nogal wat wegenwerken bezig waren langs de Seia kant.

Als je met de auto komt kun je parkeren op de ruime parking van het plaatselijke sportcentrum. Als je de bordjes ‘Penhas da Saude’ of ‘Torre’ volgt kom je er vanzelf. Opgepast: de bordjes verdwijnen geregeld en het is wat zoeken om de goede weg doorheen het centrum te vinden. Op deze plek ben je eigenlijk al een kilometer ver, dus als je de klim echt volledig wil doen moet je eerst terug dalen naar het centrum van de stad.

 

Om op te warmen ben ik richting Tortosendo gereden om vervolgens terug te keren naar het centrum. Prent de weg terug goed in je hoofd – ik had wel GPS ondersteuning.

Het eerste deel van de klim is best pittig en ik had wat moeite om in het ritme te komen. Reken erop dat je tot aan de hoogte van 1200 meter toch een gemiddelde stijgingspercentage hebt dat dicht naar de 10% neigt met hoogtepunten van 12%. Waar vooral rekening mee moet worden gehouden is de fikse wind die langs deze kant blijkbaar meestal in het nadeel waait. Alleen in het begin is er een zwakke bescherming door omringend groen.

 

Vanaf 800 meter krijg je om de tweehonderd hoogtemeter een stand van de hoogte.

Na het bordje van 800 meter krijg je al snel in de bochten een mooi uitzicht over Covilha.

Na 1200 meter wordt de klim wat saaier en minder scherp met langere stroken tot voorbij het dorp Penhas da Saude. Even buiten het dorp kom je op een splitsing naar het Zezeredal. Na dit kruispunt is het nog een 7-tal kilometer naar de top. Het laatste traject begint zowaar met een daling van een kilometer. De laatste 6 kilometer gaan dan weer stevig bergop met hier en daar een piek naar de 10% toe maar toch minder steil dan de beginfase. Deze kilometers zijn ongetwijfeld de mooiste van de klim met uitzicht op spectaculaire rotspartijen. Na het bordje met 1930 meter  kom je op de afgevlakte top en moet je nog een rechte asfaltweg afrijden die naar de ‘top’ leidt: een minuscuul torentje van 17 meter hoog om de berg toch een hoogte van 2000 meter te geven. De futuristische bollen verderop behoorden aan de NAVO maar zijn nu in een kommervolle staat.

 

Qua hellingsgraad valt de Torre best wel mee met 12% als hoogste piek. Op mijn racefiets zou ikzelf een 34x23 of zelfs 34x25 gebruiken maar een getraind iemand kan het ook met een 39 crankstel. Hoewel veel minder gekend dan de Pyreneën- en Alpencols is de Torre echt niet te onderschatten wegens de lengte van de klim in het pittige begin en eind in combinatie met de wind. Het middenstuk zorgt dan weer voor wat recuperatiemogelijkheid.  Voordeel van de Torre is wel de rust en het geringe verkeer wat op de Franse cols niet altijd het geval is. Tijdens mijn klim ben ik welgeteld één collega fietser tegengekomen en pakweg een tiental auto’s…

 

Torhout,

23 juli 2009